|
Wat is persoonlijke groei?
Elk mens maakt in zijn leven groei door. De een wat meer of minder, of juist eerder of later dan de ander. We hebben daar termen voor, zoals volwassen worden, al is de betekenis daarvan in de loop van de tijd nogal verengd.
Groeien gaat niet zonder pijn. Voor niemand. De sleutel tot groei ligt in ons bewustzijn, onze kennis van onszelf in relatie tot onze omgeving. En voordat we weten hoe we die sleutel moeten hanteren, zijn we wel een paar jaar verder. Groeien is o. m. het vermogen om elk van je vaardigheden gemakkelijk te ontwikkelen en te verbeteren. Zonder groeivermogen komen ze veel moeilijker tot stand en/ of duren ze niet lang.
Ik geloof dat het van meer realiteitszin, en eerbied voor mijn cliënten getuigt, om niet te bepalen welke concrete kwaliteiten ik voor hen belangrijk vind, maar hen eerder een middel aan te reiken om dit zelf te bepalen en te gaan groeien waar en hoe zij dat zelf belangrijk vinden. Er zijn vele cursussen, boeken en trainingen die waardevolle concrete gedragingen en denkpatronen trachten bij te brengen. Hoe doeltreffender ze zijn, hoe onethischer ik die echter ook ergens beschouw, omdat ze hun cursisten niet zelf laten kiezen waarnaartoe zij willen groeien.
De techniek van het groeien is echter universeel: welke persoonlijke stijl je ook wilt ontwikkelen, van conservatief tot alternatief, van materialistisch tot spiritueel, van vrouwelijk tot mannelijk, één ding is zeker: het onderliggende groeivermogen is steeds hetzelfde. Zoals de pianospeltechniek voor iedereen dezelfde is, of je nu jazz of klassiek wilt spelen. Met deze training kan je dus, bij wijze van spreken, zowel een goede gangster als een goede missionaris worden. Afhankelijk van de waarden die je hanteert, en van de omgeving waarin je succesvol wilt functioneren.
Is groeien een aparte vaardigheid? Nee, groeien is geen aparte techniek die apart kan aangeleerd worden. Groeien is iets dat automatisch optreedt als een zeker aantal voorwaarden vervuld zijn. Zo kan je ook een plant niet doen groeien, maar haar groei treedt automatisch en voorspelbaar op als je een zeker aantal voorwaarden vervult zoals: genoeg water geven, genoeg licht, aangepaste warmte, potgrond die van tijd tot tijd verrijkt wordt, enz. Maar het groeien zelf, daar hoef je je verder nooit om te bekommeren. Ju kunt dus niet leren groeien. Je kunt voorwaarden leren vervullen waardoor groei vanzelf tot stand komt.
De drie minst fundamentele, maar toch nog zeer diepe factoren zijn: goede ideeën en inzichten krijgen over hoe we in bepaalde situaties beter zouden kunnen functioneren; deze goede ideeën kunnen omzetten in realistische plannen waar we soms in één stap, maar meestal toch maar progressief kunnen naartoe gaan, en in staat zijn z’n voornemens, de voorgenomen stappen en nieuwe gedragingen, effectief in nieuw gedrag om te zetten (en dit vol te houden). Deze drie fundamentele kenmerken van het groeiproces berusten op twee diepere:
1. constructief denken, d.w.z. altijd en overal, maar vooral bij mislukking, frustratie, ontgoocheling en depressie, in staat zijn de ervaringen te analyseren in constructieve zin, d.w.z. dat we de sluimerende mogelijkheden, zowel in de situatie als in onszelf, ontdekken.
2. rolsoepelheid. Dit is een moeilijk en weinig populair begrip in onze cultuur. Het is de eigenschap die ons toestaat om iets nieuws te gaan doen, iets dat we dat nog nooit gedaan hebben. De meeste mensen hebben een zeer grote weerstand tegen nieuw gedrag, vooral in een groep maar ook tegen personen en situaties die hen daartoe schijnen aan te zetten. We zijn allemaal, psychisch gesproken, een beetje stroef, hoewel we daar, als we er vóór staan, uiteraard schitterende excuses voor vinden: het hoeft niet, we willen ons niet belachelijk maken, we zijn liever spontaan, het is te riskant, maar in feite durven we het niet. We zouden in feite, steeds en overal, in staat moeten zijn om te doen wat we beslissen, ook al is dat een totaal nieuwsoortig gedrag. Als we iets niet doen, dan moet dat zijn omdat we vinden dat het in ons voordeel zou zijn dat we hier en nu iets anders doen, maar niet omdat we het nieuwe gedrag niet aandurven. Deze persoonlijkheidskwaliteit kan apart getraind worden. Deze twee diepe vaardigheden berusten op een nog fundamentelere, namelijk het fundamenteel zelfvertrouwen, d.w.z. de overtuiging dat we, als we lang genoeg volhouden en genoeg lessen trekken uit onze mislukkingen (die onvermijdelijk zijn, vooral als we groeien), we dan elke vaardigheid die ons interesseert voldoende kunnen aanleren om er ons doel op dat gebied mee te bereiken.
Wat is psychotherapie?
Psychotherapie is een behandelmethode die wordt toegepast bij psychische klachten en problemen. De therapie bestaat uit gesprekken met een deskundige hulpverlener: de psychotherapeut. In de gesprekken bespreekt u met de psychotherapeut uw klachten en problemen. De psychotherapeut lost geen problemen voor u op, maar helpt u nare dingen anders te zien, pijnlijke gevoelens te verwerken of moeilijke situaties anders aan te pakken. Het doel van de therapie is uw psychische klachten en problemen op te heffen, of zoveel te verminderen dat u er minder last van hebt. De problemen waarvoor mensen in psychotherapie gaan zijn heel verschillend. Voorbeelden van psychische problemen zijn: angsten, depressies, verslavingsproblemen, fobieën en dwanghandelingen. Vaak liggen negatieve ervaringen aan de problemen ten grondslag.
Vormen van psychotherapie
Er zijn verschillende vormen van psychotherapie. Veel vormen van psychotherapie bestaan uit gesprekken tussen een cliënt en een psychotherapeut. Bij andere vormen van therapie nemen lichaamsgerichte oefeningen en rollenspelen een belangrijke plaats in. In deze tekst hebben we het vooral over gesprekstherapie. Vaak onderscheidt men vier hoofdvormen van psychotherapie:
1. gedragstherapie 2. psychoanalyse zn psychoanalytische psychotherapie 3. Cliëntgerichte psychotherapie 4. Relatie-en gezinstherapie 5. Groepspsychotherapie 6. kinder en jeugdpsychotherapie
In gedragstherapie staat het gedrag van de cliënt centraal. Iedereen doet, denkt en handelt op een bepaalde manier. In de loop van ons leven hebben we veel gedrag aangeleerd. De gedragstherapie gaat ervan uit dat het ook mogelijk is om gedrag weer af te leren. In de therapie wordt gewerkt aan een concreet probleem of aan een bepaalde klacht. Stapsgewijs werkt de cliënt aan een van tevoren geformuleerd doel. In een gedragstherapie kan de cliënt leren om situaties anders aan te pakken, waardoor hij minder last heeft van het probleem dat in de therapie centraal staat. Een gedragstherapeut werkt vaak met oefeningen en opdrachten.
psychoanalyse zn psychoanalytische psychotherapie zijn twee vormen van psychotherapie die dezelfde uitgangspunten hanteren. Zij gaan ervan uit dat wij gevormd worden door belangrijke ervaringen met andere mensen, die diepe indruk op ons hebben gemaakt. We zijn boos, bang of onzeker zonder precies te weten waar dergelijke gevoelens vandaan komen. Het doel van de psychotherapie is het bewust maken van verborgen gevoelens en gedachten. Daardoor krijgen we inzicht in de oorsprong van problemen en kunnen we nare ervaringen gaan verwerken.
In Cliëntgerichte psychotherapie staan de ervaring en de persoonlijke ontwikkeling van de cliënt centraal. Uitgangspunt van de therapie is dat de cliënt leert ervaren wat zijn eigen, unieke gedachten en gevoelens zijn, zodat hij of zij meer in contact komt met zichzelf. Als iemand zijn gevoelens kan ervaren en aanvaarden, is hij beter in staat om met moeilijke situaties in het leven om te gaan. Daardoor ontstaat ruimte voor persoonlijke ontwikkeling. Deze vorm van psychotherapie is voortgekomen uit het werk van de Amerikaanse psycholoog Carl Rogers en wordt daarom ook wel Rogeriaanse psychotherapie genoemd.
Relatie-en gezinstherapie zijn twee vormen van psychotherapie die ook wel systeemtherapie worden genoemd. De term systeem duidt op de sociale systemen of netwerken waar iedereen deel van uitmaakt: het gezin, de partnerrelatie, werk en vriendenkring. Kenmerkend voor deze vormen van therapie is dat partners of gezinsleden samen in psychotherapie zijn. In de therapie staan de problemen van de betrokkenen centraal. De psychotherapeut kijkt vooral naar de wisselwerking tussen partners of gezinsleden. Het is niet mogelijk om strakke scheidslijnen aan te brengen tussen deze therapievormen. De invalshoek is anders, maar er zijn ook overeenkomsten tussen de verschillende vormen van therapie. Ze hebben elkaar in de loop der tijd ook beïnvloed.
Andere vormen van psychotherapie zijn ingedeeld naar het aantal deelnemers en/of het type cliënten:
Groepspsychotherapie vindt plaats in een groep met anderen. In een groepspsychotherapie gebeuren dingen in het contact met anderen, die vergelijkbaar zijn met het gewone leven buiten de therapie. Tijdens de therapie kun je erachter komen wat anderen bij je oproepen. Dat biedt aanknopingspunten voor de therapie. Er zijn verschillende soorten groepspsychotherapie. De therapie kan georiënteerd zijn op de gedragstherapie, de psychoanalytische psychotherapie of de cliëntgerichte psychotherapie.
kinder en jeugdpsychotherapie richt zich op kinderen en jongeren tot ongeveer twintig jaar. Een kinder- of jeugdpsychotherapeut werkt samen met het kind of de jongere aan de problemen, op een manier die is aangepast aan de leeftijd en ontwikkelingsfase van het kind. In een kindertherapie is spelen vaak belangrijker dan praten. Meestal worden de ouders of verzorgers bij de therapie betrokken.
|